Blog

De vereiste beroepskennis en bedrijfsbeheer

Vanaf 1 januari 2018 wordt de vereiste beroepskennis voor gereglementeerde beroepen afgeschaft. Maar wat wil dit concreet zeggen? Is dit hetzelfde als het attest bedrijfsbeheer?


Welke beroepen betreft het?

Een heleboel beroepen kan men enkel uitoefenen indien men naast de basiskennis ook beschikt over specifieke beroepskennis.

Meestal is dat via een opleiding en een bijhorend attest waarmee deze beroepskennis verworven en bewezen kan worden.

Deze vereiste beroepskennis zal men nu afschaffen voor de volgende beroepen:

  • schoonheidsspecialist(e)
  • masseur/masseuse
  • voetverzorging
  • slager-groothandel
  • beenhouwer-spekslager
  • restaurateur of traiteur-banketaannemer
  • brood- en banketbakker
  • kapper
  • droogkuiser-verver
  • opticien
  • dentaaltechnicus
  • begrafenisondernemer
  • beroepsbekwaamheden met betrekking tot de uitoefening van zelfstandige activiteiten met betrekking tot fietsen en motorvoertuigen

Deze beroepen zullen dus in de toekomst mogen uitgeoefend worden door personen die de beroepskennis hiervoor niet kunnen staven.

Opgelet! Beroepen uit de bouwsector werden niet opgenomen in deze beslissing. Deze beroepen zullen op een later moment aan bod komen op de Ministerraad.


Is het attest bedrijfsbeheer nog steeds nodig?

Ja, elke persoon die een onderneming wilt opstarten dient te beschikken over een attest bedrijfsbeheer.

Wellicht wordt dit pas afgeschaft vanaf 1 september 2019.


De kerncijfers voor het inkomstenjaar 2017

Fiscale kerncijfers 2017


Voordelen Alle Aard – Inkomstenjaar 2017

  • Verwarming: leidinggevend personeel: 1.950 € – Andere personen: 880 €
  • Elektriciteit: leidinggevend personeel: 970 € – Andere personen: 440 €
  • Privégebruik bedrijfswagen: Cataloguswaarde (*) x [5,5 + 0,1 x (CO2-uitstoot – 87 (diesel) of 105 (benzine))] (**) / 100 x 6/7

(*)   Cataloguswaarde = catalogusprijs in nieuwe staat bij verkoop aan een particulier incl. opties vóór korting en werkelijke btw
(**)  Max. 18% / min. 4% (bv. elektrische wagen)
(***) Minimum 1.280 €
Als correctie wordt de cataloguswaarde waarmee rekening moet worden gehouden voor de bepaling van het belastbaar voordeel, echter forfaitair verminderd naarmate de levensduur van de bedrijfswagen toeneemt, op basis van een depreciatie van 6% per jaar met een maximum van 30%.

  • Bewoning:
    • Ongemeubeld ter beschikking gesteld door een natuurlijke persoon: Geïndexeerd KI x 100/60
    • Gemeubeld ter beschikking gesteld door een natuurlijke persoon: Geïndexeerd KI x 100/60 x 5/3
    • Ongemeubeld ter beschikking gesteld door een vennootschap waarvan het niet-geïndexeerd KI < 745 € : Geïndexeerd KI x 100/60 x 1,25
    • Gemeubeld ter beschikking gesteld door een vennootschap waarvan het niet-indexeerd KI < 745 € : Geïndexeerd KI x 100/60 x 1,25 x 5/3
    • Ongemeubeld ter beschikking gesteld door een vennootschap waarvan het niet-indexeerd KI > 745 € : Geïndexeerd KI x 100/60 x 3,80
    • Gemeubeld ter beschikking gesteld door een vennootschap waarvan het niet-indexeerd KI > 745 € : Geïndexeerd KI x 100/60 x 3,80 x 5/3

 

  • Internetaansluiting  en -abonnement: 60 €
  • Computer en randapparatuur: 180 €
  • Debetintresten rekening courant: 9,27% (nog niet gekend voor Aj. 2018)

Tarieven personenbelasting – Inkomstenjaar 2017


Kerncijfers personenbelasting – Inkomstenjaar 2017

  • Vrijgesteld bedrag terugbetaling woon-werkverkeer: 390 €
  • Kilometervergoeding woon-werkverkeer fiets: 0,23 €/km
    Kilometervergoeding woon-werkverkeer andere: 0,15 €/km
  • Vrijgesteld bedrag loonbonus: 2.830 €
  • Vrijgesteld bedrag pc-privé: 860 €
  • Revalorisatiecoëfficiënt voor huurinkomsten: 4,39
  • Indexatiecoëfficiënt kadastraal inkomen: 1,7491 (AJ 2017 in OV, AJ 2018 in PB)
  • Aftrek restaurantkosten: 69%
  • Aftrek representatiekosten/relatiegeschenken: 50%
  • Aftrek personenwagen: 75% (van het beroepsmatig gedeelte)

Forfaitaire beroepskosten loontrekkers vanaf 01/01/2017 (eerste fase) – Aanslagjaar 2018


Tarieven vennootschapsbelasting – Inkomstenjaar 2017

  • Vol tarief: 33,99%

 

  • Verlaagd tarief:

 


Kerncijfers vennootschapsbelasting – Inkomstenjaar 2017

  • Notionele intrestaftrek voor kleine vennootschappen: max. 0,737%
  • Notionele intrestaftrek voor grote vennootschappen: max. 0,237%
  • Aftrek restaurantkosten: 69%
  • Aftrek representatiekosten/relatiegeschenken: 50%
  • Aftrek personenwagen:Elektrische wagen : 120%
excel 3 zonder

Voorafbetalingen vennootschapsbelasting – Inkomstenjaar 2017

Verhoging onvoldoende voorafbetalingen vennootschapsbelasting: 2,25%

Belastingvoordeel voorafbetalingen:


Kerncijfers schenk- en erfbelasting Vlaanderen :

 Schenking onroerende goederen in rechte lijn en partners

Schenking onroerende goederen in niet rechte lijn

Schenking roerende goederen

   3% voor schenkingen in rechte lijn en tussen echtgenoten (incl. samenwonenden);
7% voor schenkingen aan alle andere personen

Erfbelasting in rechte lijn, tussen echtgenoten en samenwonenden

Er is een opsplitsing tussen roerende en onroerende goederen.
De tarieven worden toegepast op de netto verkrijging per erfgenaam.

Erfbelasting tussen broers en zussen

Er is geen opsplitsing tussen roerende en onroerende goederen.
De tarieven worden toegepast op de netto verkrijging per erfgenaam.

Erfbelasting tussen andere personen


Het pensioen van de zelfstandige

Om te kunnen genieten van een rustige oude dag rekent een zelfstandige maar beter niet te veel op het wettelijk pensioen. Dat bedraagt voor een zelfstandige gemiddeld nauwelijks 857 euro. Door zelf te sparen voor een aanvullen pensioen kan hij op een fiscaalvriendelijke manier wat extra aan de kant zetten. Zonet maakte de federale regering bovendien een einde aan een jarenlange discriminatie, want vanaf 2018 kunnen ook de zelfstandigen zonder vennootschap sparen in een nieuw pensioenstelsel: de Pensioenovereenkomst Zelfstandigen (POZ).

 

De 4 pensioenpijlers van de zelfstandige:

  • Wettelijk pensioen
  • Aanvullen pensioensparen (VAPZ, IPT en POZ)
  • Individueel pensioensparen (pensioensparen en langetermijnsparen)
  • Niet-fiscaal sparen

 

Het klassieke pensioensparen is voor zelfstandigen al een eerste stap in de goede richting. Daarnaast hebben ze nog andere mogelijkheden om een financiële buffer op te bouwen. De meest bekende vorm is zonder twijfel het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen (VAPZ). Mits een minimumdrempel aan inkomsten kunnen zelfstandigen in hoofdberoep jaarlijks 8,17 procent van hun belastbaar inkomen sparen voor hun pensioen en dit met een absoluut maximum van 3.127,24 euro per jaar. Dit is een heel interessante optie omdat dit bedrag fiscaal mag afgetrokken worden, en dit tegen de hoogste belastingschijf. Voor iemand een belastbaar inkomen tussen 12.720,01 en 21.190 euro in het inkomstenjaar 2017 betekent dit al een belastingbesparing van 40%. Vanaf 38.830 euro bedraagt het fiscale voordeel zelfs 50 procent. Voor zelfstandigen in bijberoep gelden er specifieke regels.

 

Naast het VAPZ hebben zelfstandigen met een eigen vennootschap nog een extra optie om hun toekomstige pensioen te spijzen: de Individuele Pensioentoezegging (IPT). In dit systeem, dat vergelijkbaar is met een groepsverzekering, betaalt de vennootschap jaarlijks een premie die afhankelijk is van het inkomen van de bedrijfsleider. De overheid hanteert hiervoor de 80 procentregel: het totale pensioen (wettelijk + aanvullend) mag niet meer bedrag dan 80 procent van de laatste bruto jaarbezoldiging.

Ook dit is een fiscaalvriendelijke manier om aan pensioensparen te doen want de premies zijn aftrekbaar in de vennootschapsbelasting. Door de tariefverlaging in de vennoot verkleint het directe voordeel van de ITP een beetje, maar het blijft toch veruit een van de interessantste verloningstechnieken. Het betreft wel een uitgesteld loon want na de storting door de vennootschap is het bedrag namelijk onmiddellijk eigendom van de bedrijfsleider. Hij wordt daar ook niet meteen op belast. Enkel op de datum van de uitkering van het aanvullend pensioen komt de fiscus langs, maar met 10 à 20 procent vallen de tarieven heel goed mee.

 

De Individuele Pensioentoezegging is voorlopig alleen weggelegd voor zelfstandigen met een vennootschap. Dit najaar heeft de federale regering echter een einde gemaakt aan deze discriminatie, want vanaf volgend jaar krijgen de zelfstandigen zonder vennootschap een extra pensioenstelsel dat vergelijkbaar is met de IPT: de Pensioenovereenkomst Zelfstandigen (POZ). Zelfstandigen die in het nieuwe systeem stappen, zullen een belastingvermindering van 30 procent op de gestorte bedragen krijgen. Bij pensionering zullen ze een belasting van 10 procent moeten betalen op het eindkapitaal.

 

bron: Trends ondernemerskrant – November 2017


Pagina %CURRENT% van 212